Foul play Gemeente Den Haag

Stel je voor je speelt een schaak partij (met wit) en er staan een zwarte en een witte toren schuin naast elkaar. Zwart is aan zet springt met de zwarte toren schuin over de witte, als ware het dammen, haalt de witte toren van het veld. Je protesteert, want die zet is onreglementair. Zwart noteert de zet gewoon op het formulier en zegt dat je met protesten bij de scheidsrechter moet zijn.

torensschuin

Je loopt naar de scheidsrechter, vertelt over deze zet, hij zal zo langskomen. Terwijl je terug loopt naar het schaakbord belt de scheidsrechter Zwart dat dit zo niet kan. Zwart zet de witte toren terug, doet een reglementaire juiste zet met de zwarte toren, lakt op het wedstrijdformulier de vorige zet door en noteert de nieuwe zet daarvoor in de plaats. Bij het bord terug aangekomen overzie je de situatie, de scheidsrechter komt langs en constateert een reglementaire juiste zet en verklaart het bezwaar dat je maakte niet ontvankelijk.
Een speler (Zwart) die zo schaakt en een scheidsrechter die zo handelt hebben in de schaaksport hun langste tijd wel gehad.

Maar nu de werkelijkheid. Een Haagse Gemeentelijke Dienst neemt een juridisch onjuist besluit waarmee je wordt benadeeld. In een telefoongesprek geef je aan dat het besluit juridisch niet juist is, maar de Dienst is niet te vermurwen. Je maakt officieel bezwaar en je wordt in het kader van dat bezwaarschrift gehoord door afd. Bezwaar en Beroep. Je ontvangt een nieuw besluit van de Gemeentelijke Dienst, dat het vorige besluit vervangt en dat (deels) tegemoet komt aan je bezwaar.
Echter, je bezwaarschrift wordt, vanwege het nieuwe besluit, niet ontvankelijk verklaard, omdat met het nieuwe besluit al tegemoetgekomen is aan je bezwaar. En die werkwijze blijkt ook nog eens juridisch te zijn afgedekt.

Gevolg:

  • bezwaar telt niet mee in het aantal terechte bezwaren (voor de verslaglegging aan de Raad), terwijl er wel op grond van het bezwaar een nieuw besluit genomen is.
  • Er wordt niet inhoudelijk ingegaan op je bezwaar, o.a. niet op de vragen over de slordige voorbereiding van het oorspronkelijke besluit.
  • De Gemeentelijke Dienst kan in het vervolg gewoon weer zo handelen.
  • De burger voelt zich absoluut niet gehoord of serieus genomen!

Kortom Foul Play Gemeente Den Haag!

Tenslotte maakt de Dienst bij het uitvoeren van het nieuwe besluit ook nog fouten, waardoor je weer in de telefoon mag klimmen. Wordt vervolgd?

 

 

 

 

Geplaatst in Algemeen | Reacties uitgeschakeld voor Foul play Gemeente Den Haag

Waarom lukt het niet en hoe dan wel (2)

We zijn een maand verder én een #pgbalarm op twitter verder. De telefoon staat bij de SVB roodgloeiend, de website is zo nu en dan uit de lucht en een groot deel van de pgb-zorgverleners is nog niet betaald. En dat allemaal omdat staatssecretaris van Rijn géén gefaseerde invoering wilde!
Als een werkgever een maand geen loon betaald staat de vakbond terecht op de achterste benen. Nu doet de overheid dat, vertelt doodleuk dat de betaling een maand later komt… en nu moeten we dat normaal vinden, een opstartprobleempje? Tenminste volgens de VVD en PvdA die geen kamerdebat willen.

Het had zo anders kunnen zijn. De oplossing was eenvoudig geweest. Had voor alle bestaande pgb-houders een budget voor een half jaar beschikbaar gesteld, waardoor de continuïteit gewaarborgd zou zijn. De PGB houder betaalt daaruit de zorgverleners als altijd (volgens de systematiek in 2014), tot de maand dat de SVB de contracten heeft verwerkt en de juiste wijze zorgverleners heeft ingevoerd en gedeclareerde uren heeft klaar staan. Geef de budgethouder een mogelijkheid (knop op de website, of brief)  waarmee hij/zij een en ander kan accorderen en de SVB betaalt vanaf dat moment uit. De budgethouder betaalt het resterende bedrag van het half jaar PGB terug. (Het is natuurlijk van de zotte dat de SVB iets – mogelijk verkeerd – uitvoert, terwijl de budgethouder verantwoordelijk is, niet kan accorderen en de ontstane problemen mag proberen op te lossen!)
Er zijn verschillende voordelen voor een dergelijke werkwijze, het SVB kan gefaseerd invoeren en de continuïteit van zorg en de betaling zijn gewaarborgd. Uiteindelijk kost het waarschijnlijk minder dan het paniekvoetbal dat nu gespeeld wordt.

Het kan nog steeds, ken de budgethouders een budget toe waarmee ze de zorgverleners in januari en eventueel de maanden erna kunnen betalen, vergelijkbaar met 2014, en kom daar ook niet op terug. Op het moment dat de SVB echt klaar is met de invoering en de pgb-houder akkoord is gaat het nieuwe stramien van 2015 in en wordt het eerste deel als in 2014 verantwoord en een eventueel restbedrag terugbetaald.

De reactie zal zijn, ja maar dat is fraudegevoelig. Het overgrote deel van de budgethouders fraudeert niet! Als er aan het eind van het jaar budget niet gebruikt was werd dat ook nu al netjes teruggestort, voor de besteding gold een jaarlijkse behoorlijk strenge verantwoordingsplicht. Controle is goed, fraude stigmatisering zelfs zonder concreet bewijs, zoals nu met name door de VVD gebeurt is dat niet! De fraudeoplossing die van Rijn nu ineens voorstelt, namelijk huisbezoeken, had natuurlijk al lang bij alle eerste aanvragen van een pgb gemoeten, evenals dat bij ZIN noodzakelijk is.

 

Geplaatst in Algemeen | 2 Reacties

Waarom lukt het niet en hoe dan wel?

Hoe slopen we de “Berlijnse muur”.

Hoe komt het toch dat de transitie maatregelen van de overheid in de zorg zoveel problemen veroorzaken (Nieuwsuur uitzending van 3 december 2014)?  Waarom moeten mensen, met een overduidelijke terechte zorgvraag, zoveel moeite doen om adequate zorg te krijgen en te houden? En waarom werkt de noodvoorziening, het rapid response team niet echt? Hoe komt het dat beleidsmakers de variëteit in problemen nogal eens over het hoofd zien en stelselmatig schijnen te negeren?
Telkenmale wordt de verzekering gegeven dat wie echt zorg nodig heeft die zorg houdt. Ik hoor het staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten nog zeggen 23 juni 2011 op het Plein in den Haag. Dan verwacht je dat er dus goed naar individuele gevallen gekeken gaat worden, dat er rekening gehouden wordt met de variatie in de zorgvragen. Dat zou het principe moeten zijn achter het streven van toegevoegde maatschappelijke waarde.

We zijn inmiddels dik 3 jaar verder en niets blijkt minder waar. Er blijken drie stromen te zijn waar zorgvragers in worden verdeeld, de gemeente (WMO), de zorgverzekeraar en de WLZ. Er blijken regels te zijn die niet aansluiten bij de zorgvragen, waardoor groepen mensen  buiten de boot vallen.
Voorbeelden uit de Nieuwsuur uitzending:
Heeft u geen dagopvang – want onvindbaar voor uw kind met een grote zorgvraag –  maar dus wel een een kind met een handicap die ruimschoots binnen de WLZ normen zou vallen?  Jammer, dan kunt u niet terecht bij de WLZ en moet u met uw zware zorgvraag naar de gemeente, die daarvoor niet is toegerust. Op termijn als de zorgzwaarte duidelijk wordt zou het alsnog WLZ kunnen worden? Waarom niet meteen?
Heeft u Fokus zorg en heeft u voor de zorg in huis (snelle reactie nachtzorg) die Fokus niet kan leveren een PGB nodig? Wordt afgewezen door de verzekeraar.
Heeft u precair samengesteld zorgstelsel, mogelijk gemaakt door een PGB. Onafhankelijk of u het wel of niet met een PGB korting van 12,5 % redt, die korting lijkt standaard.
Geeft u ingewikkelde verpleegkundige zorg thuis of “past u alleen maar op”? Er lijkt één bruto tarief van 20 euro voor max. 40 uur/week te gaan gelden. Ook voor naar huis verplaatste 24/7 ziekenhuiszorg die in dat ziekenhuis een veelvoud zou kosten en professionele aanpak vereist.
Het gevolg is dat de maatschappelijke gezondheid van velen onder druk staat.

Een rapid response team dat telefonisch doorverwijst kán alleen een vast draaiboek aan regels volgen: u moet bij dié instantie zijn: Laat de zorgvrager dát nou al geprobeerd hebben en dat leverde een afwijzing op. Wat ontbreekt is een professional die met het probleem in de hand daadwerkelijk in korte tijd  een oplossing forceert omdat hij/zij rekening houdt met de variatie aan zorgvragen en zorgachtergronden.  Dat levert tevreden burgers op en is zelfs goedkoper dan het kastje – muur systeem waarbij de moegestreden burger, soms uit puur lijfsbehoud, blijft aandringen op een oplossing. Ja, sec gezien zou die professional een hogere salarisschaal hebben (duurder?), maar doordat klachten op tijd worden afgehandeld is deze uiteindelijk goedkoper. Een magere poging in deze richting is in de WMO gedaan door de wijkverpleegkundige te laten indiceren. Alleen diezelfde wijkverpleegkundige is wel met handen en voeten gebonden aan strakke ééndimensionale regels.

Staatssecretaris Martin van Rijn geeft aan dat hij van systemen naar mensen wil. Hoe komt het dan dat het niet echt lukt. Systemen blijken star en sluiten niet altijd echt bij de zorgvraag van mensen aan. En die systemen piepen en kraken doordat de staatssecretaris naast de transitie ook een budgetkorting doorvoert terwijl een echt goed overzicht wat mensen met een zorgvraag nodig hebben ontbreekt. Het lijken “one size fit’s all”oplossingen. Als er iets in de zorg niet klopt is het dat. Er wordt gekozen voor suboptimale oplossingen en/of de echte oplossing wordt steeds uitgesteld, waardoor het maar de vraag is of de bezuinigingen gehaald gaan worden. Sterker nog alle vervolg aanpassingen om deze mensen wel weer van zorg te gaan voorzien en het rapid response team kosten ook geld!

Maar hoe dan wel?

John Seddon beschrijft in “The Whitehall effect” een alternatief voor de benadering van (zorg)doel – maatregelen – methode.

De conventionele volgorde van aanpak is maatregel gecentreerd:
Beleid van doelstellingen en standaardisatie is gericht op maatregelen -> standaard doelen (voor de zorgvrager) én dus beperkingen in de te gebruiken methode. Het gevolg is zorgvragers die buiten de boot vallen, die gefrustreerd raken en het vertrouwen verliezen.

Beter zou zijn een zorgvrager gecentreerde aanpak:
Denk vanuit de doelen van de cliënt (zorgvrager) -> ontwerp van daaruit de maatregelen -> meer vrijheid in methoden. Het gevolg is tevreden zorgvragers en  – het zoveel genoemde maar niet toegepaste – maatwerk. Ook voor zorgverleners is de tweede methode bevredigender. En tenslotte is Seddons stelling levert deze aanpak eerder de gezochte kostenbesparing op.  De focus ligt op de zorg en niet op de management lagen eromheen. Voorbeelden: PGB en buurtzorg. Het blijkt dat beiden op dit moment beperkt worden in hun mogelijkheden PGB door de kortingen en buurtzorg door afgesproken contractuele zorgplafonds.

Dus bijvoorbeeld géén grootschalige vastgelegde (WMO) contracten en gestandaardiseerde regels en zorg maar to the point reageren op de zorgvraag van individuen door professionals. Daar is durf en vertrouwen in de zorgverlenende professional (en mantelwerker) voor nodig.   En beleidsmakers en managers, draai, vóór je een nieuw stelsel regels verzint, eens een tijd mee in de zorg en kijk goed wat er werkelijk nodig is!

Geplaatst in Algemeen | Reacties uitgeschakeld voor Waarom lukt het niet en hoe dan wel?

Gezond aan het stuur

Een film over het Gezond aan het Stuur programma van Sociaal Fonds Taxi en het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen.

Met dank aan Aad (planner) en Joop (chauffeur) en andere medewerkers van Tap Taxi B.V.
Camera en productie: Roelof Veenbaas
Muziek: Kevin McLeod
Geplaatst in Film | Reacties uitgeschakeld voor Gezond aan het stuur

Liefst Linda

Campagnefilm voor Linda Voortman voor het partijcongres waar de definitieve kieslijst is samengesteld Zie ook YouTube

 

Geplaatst in Film | Reacties uitgeschakeld voor Liefst Linda

“Witte” Ruimte

“Witte” Ruimte from Roelof Veenbaas on Vimeo.

Een film over een bedrijventerrein in de Noordrand van de Hoeksche Waard (2008)

Camjo opleiding: Open Studio Ansterdam

Camera: JVC GY HD 201E, Canon HV20

Muziek: Tom Habes

 

Geplaatst in Film | Reacties uitgeschakeld voor “Witte” Ruimte

Chaos in het Leerlingenvervoer

Nova, zaterdag 17 februari 2007, 22:10 zie: www.novatv.nl of www.uitzendinggemist.nl

Nova heeft een dossier samengesteld over het Leerlingenvervoer. Al jaren verschraalt de kwaliteit van het leerlingenvervoer o.a. door de invloed van de Europese aanbesteding en schaalvergroting. Papieren beloftes tijdens de inschrijvingen over de te leveren kwaliteit worden niet nagekomen. Bestekseisen worden nauwelijks gecontroleerd. En als bij wijze van uitzondering een contract eens wordt opgezegd wacht vaak een vermoeiende en dure juridische procedure die nauwelijks meer iets met daadwerkelijk vervoer te maken heeft. Moedig van de Eindhovense wethouder om het contract op te zeggen. Maar hoe nu verder?

Hoezo marktwerking? Ouders hebben zich in een flink aantal gevallen georganiseerd. Er is zelfs door de Federatie van Ouderverenigingen en de CG-raad een handboek opgesteld om partijen daarbij te ondersteunen (www.leerlingenvervoer.net). Ouderraden kunnen een belangrijke rol spelen bij het opstellen van de eisen voor de aanbesteding, en als klankbord voor de gemeente. Dat gebeurt alleen in die plaatsen waar de gemeente ook ruimte voor kwaliteit in het vervoerscontract beschikbaar stelt.

De echte “klanten”, leerlingen, hun ouders en de scholen kunnen de vervoerder niet zelf kiezen. Ook kunnen ze het contract niet zelf verbreken als de kwaliteit onvoldoende is. Nogmaals: Hoezo marktwerking?

Uiteraard kan met het slim combineren van ritten de prijs van de ritten worden gedrukt. De huidige schaalvergroting, en inschrijvingen onder de werkelijke kostprijs, leiden er echter toe dat leerlingen niet meer menselijk worden benaderd. Er kan door de vele wisselingen nauwelijks een band met de chauffeur worden opgebouwd. Ook chauffeurs kunnen niet meer anticiperen op de wijze waarop individuele leerlingen benaderd moeten worden om onrust in de bus voor te zijn.

Gesplitst aanbesteden van de ritcoordinatie en het vervoer zelf zou een optie kunnen zijn. Om de lijnen kort te houden is het wellicht een goed idee als scholen (of ouders) gesubsidieerd door de gemeente zelf (jaarlijks) een aantal vervoersplaatsen kunnen inkopen, en daarbij kunnen kiezen uit meerdere vervoerders. De gevolgen van het wisselen van een vervoerder voor een specifiek aantal plaatsen zijn dan minder groot. Slecht presterende vervoerders verdwijnen dan vanzelf van de markt. De gemeente moet in dat geval wel enkele jaren afzien van de kaasschaaf bezuinigingsmethode en bereid zijn om de daadwerkelijke kostprijs te betalen van het leerlingenvervoer. Ik ben ervan overtuigd dat ook veel vervoerders liever kwaliteit leveren dan uit angst voor collega-bedrijven onverantwoord laag inschrijven. Het kan toch niet zo zijn dat de wal (faillisementen, boetes e.d.) het schip moet keren.

Op dit moment is er alleen een geschillencommissie voor reizen en OV, maar niet voor het contractvervoer. Een geschillencommissie contractvervoer kan een oplossing zijn voor mogelijke omvangrijke juridische procedures.

Welke lokale en ook landelijke overheid pakt de handschoen op om daadwerkelijk iets te gaan doen aan dit probleem?

Geplaatst in MVA | 2 Reacties

Heeft inschrijven op aanbestedingen nog zin voor kleinere taxibedrijven

Onder deze titel werd vandaag op de taxidag in Houten, georganiseerd door KNV Taxi, Telegraaf Expo Media en C&F, onder leiding van Minne Boersma een discussie gehouden. Aan tafel zaten Yvonne Trigallez, coordinator leerlingenvervoer 12WF gemeenten, Hoorn
Frank van Boxtel, projectleider Regiotaxi NO-Brabant
Luciën de Jong, directeur van De Jong Personenvervoer BV, Coevorden
Henk Mennink, directeur van Taxi Walhof BV, Winterswijk
Remko Mast, vakgroepbestuurder Taxi, eerste onderhandelaar Taxi-CAO FNV Bondgenoten.

Voor de keuze gesteld of men gelukkige, trieste dan wel boze gevoelens had t.a.v. de Europese Aanbestedingsprocedures bleek er slechts één vervoerder in de zaal nog relatief gelukkig te zijn omdat hij door een hoge combinatiegraad met verschillende vormen van vervoer nog wat kan verdienen, hij gaf ook aan dat het wel steeds minder wordt. Het merendeel was overwegend triest of zelfs boos gestemd omdat de aanbestedingen steeds weer leiden tot inschrijvingen onder de kostprijs, waardoor er geknabbeld wordt aan de kwaliteitseisen. De collega vervoerders die door investeringen in kwaliteit en veiligheid voor een reëlere en dus hogere prijs inschrijven, zien het werk aan hun neus voorbij gaan. De reiziger wordt ook niet gelukkig van dit verhaal. Voor een wenselijke loonsverhoging voor de chauffeur, om bijvoorbeeld zijn betere opleiding te belonen, blijkt op deze manier geen ruimte. Om toch te proberen kwaliteit te leveren groeien de bestekken met steeds verder dichtgetimmerde eisen en worden steeds grotere boeteclausules opgenomen. Alleen nog inzichtelijk voor de hele grote vervoersmaatschappijen die een aparte aanbestedingenafdeling hebben.
Mijn insteek zou de volgende zijn:
Deze vicieuze cirkel kan alleen worden doorbroken als het vervoer gegund wordt aan vervoerders die hebben ingeschreven tegen de laagste maar wel reële prijs. Lees verder

Geplaatst in MVA, Regiotaxi | Reacties uitgeschakeld voor Heeft inschrijven op aanbestedingen nog zin voor kleinere taxibedrijven